Reius Advocaten – Vastgoedrecht Brussel

Advocaten - Avocats - Lawyers

Reius Advocaten · Louizalaan 363 bus 26 · 1050 Brussel · info@reius.be · +32 2 616 08 10 Afgedrukt op 26 oktober 2026
Handelshuur

Brand in handelspand: wie is aansprakelijk?

Vianto Pashku · · 6 min leestijd
Inhoudsopgave

Korte versie

Wie is aansprakelijk bij brand in uw handelspand? De wet legt de bewijslast bij de huurder, maar recente rechtspraak en het komende Boek 7 BW nuanceren die regel aanzienlijk.

Een brand in uw handelspand is een commerciële én juridische crisis. De vraag wie aansprakelijk is, bepaalt of u recht hebt op schadevergoeding, of u uw handelszaak moet sluiten, en of u zich tegen onverwachte facturen moet verdedigen. Het juridische kader is complex en evolueert.

De basisregel: artikel 1733 oud BW

Onder het huidige artikel 1733 oud BW geldt een omkering van de bewijslast: de huurder is aansprakelijk voor brand, tenzij hij bewijst dat de brand buiten zijn schuld is ontstaan.

Dit lijkt op het eerste zicht een harde regel voor de huurder, maar de praktijk is genuanceerder. De huurder hoeft niet de oorzaak van de brand zelf aan te tonen — hij moet enkel aantonen dat de brand niet aan hem toe te rekenen is. Als de oorzaak onbekend blijft, moet de feitenrechter beoordelen of de huurder zijn tegenbewijs voldoende heeft geleverd.

De aansprakelijkheid kan verdeeld worden

Een belangrijk arrest van het Hof van Beroep van Gent (Gent 3 november 2022) bevestigde een regel die in de praktijk vaak over het hoofd wordt gezien. De artikelen 1721 en 1733 oud BW sluiten niet uit dat een verdeling van aansprakelijkheid kan worden uitgesproken wanneer de brand is ontstaan door zowel een fout van de huurder als een gebrek van het verhuurde goed.

In de zaak die werd beslecht door het Hof van Beroep, had de verhuurder een woning verhuurd zonder rookdetector. Het Hof oordeelde dat de verhuurder zich daardoor schuldig had gemaakt aan een strafrechtelijk misdrijf (de Vlaamse Codex Wonen verplicht rookdetectoren in alle woonentiteiten). De verdeling van aansprakelijkheid was dus deels op de verhuurder.

Voor handelspanden gelden vergelijkbare veiligheidsverplichtingen, vooral wanneer er ook een woongedeelte is. Een verhuurder die deze verplichtingen schendt, kan zelfs bij een door de huurder veroorzaakte brand mede aansprakelijk worden gehouden.

Verhuurder die zijn leveringsplicht schendt

Een nog verdergaand scenario: de brand was niet de fout van de huurder, en de oorzaak ligt bij een gebrek waarvoor de verhuurder verantwoordelijk is. In zo'n geval is het de verhuurder die aansprakelijk wordt.

Een vrederechter in Oudenaarde behandelde een typisch geval: een restaurant raakte gedeeltelijk gesloten door een brand (Vred. Oudenaarde 6 januari 2025). De aansprakelijkheid van de huurder voor de brand werd door de feiten weerlegd. De verhuurder werd aansprakelijk gesteld voor het niet-naleven van zijn leveringsplicht. Er was geen sprake van overmacht.

Resultaat: de huur werd ontbonden ten laste van de verhuurder. De huurder had recht op een schadevergoeding, ook voor het verlies van een kans (omzetderving), maar moest de omvang van zijn schade wel concreet bewijzen.

Dit toont aan dat een huurder die verzekerd weet dat hij de brand niet veroorzaakt heeft, niet automatisch verlamd is. Een actieve juridische procedure tegen de verhuurder kan hem zowel uit de huurovereenkomst halen als hem schadevergoeding opleveren.

Brandverzekering: meer dan een formaliteit

Veel handelshuurovereenkomsten verplichten de huurder een brandverzekering af te sluiten. Die verzekering speelt een cruciale rol bij brand:

Voor de huurder: dekt de eigen schade aan inboedel en handelszaak, plus de eventuele aansprakelijkheid jegens de verhuurder en derden.

Voor de verhuurder: dekt de schade aan het pand zelf. De verzekeraar van de verhuurder zal, bij aansprakelijkheid van de huurder, in diens rechten treden (subrogatie) en de schade verhalen op de huurder of diens verzekeraar.

Een belangrijk principe van de Verzekeringswet: een verzekeringsmaatschappij die op de hoogte was van het commerciële gebruik van het pand, kan zich nadien niet beroepen op een verzwaring van het risico als gevolg van die bestemming (artikel 81 Verzekeringswet). Dit werd bevestigd in Vred. Binche 25 april 2024.

Onderzoek naar de brandoorzaak

Bij elke ernstige brand wordt typisch een strafrechtelijk onderzoek geopend om de oorzaak vast te stellen. Vaak duurt zo'n onderzoek maanden of zelfs jaren. Tijdens die periode is de juridische situatie onzeker.

De vrederechter van Brugge kreeg een typisch dilemma voorgelegd (Vred. Brugge 24 januari 2022). Een appartement was volledig vernield door brand. De huurovereenkomst was van rechtswege ontbonden. De huurder vroeg de vrijgave van haar huurwaarborg.

De vrederechter oordeelde echter dat die vrijgave voorbarig was. De huurwaarborg dient ook ter bescherming tegen mogelijke huurschade, inclusief brandschade voor zover die niet "buiten de schuld" van de huurder is ontstaan. Zolang de oorzaak van de brand niet vaststaat — en het hier zelfs niet uitgesloten was dat het om opzettelijke brandstichting ging — bleef de waarborg geblokkeerd.

Praktische les: zelfs als uw pand volledig is vernield, mag u niet automatisch op vrijgave van waarborg of schadevergoeding rekenen. Wacht het strafrechtelijk onderzoek af en bouw uw eigen verdediging op.

Wat verandert er onder Boek 7 BW?

Het komende Boek 7 BW herstructureert de aansprakelijkheidsregels bij brand. Artikel 7.3.25 voorontwerp bepaalt:

"Bij tenietgaan van de huur, geeft de huurder het goed aan de verhuurder terug, in dezelfde staat als deze waarin hij het ontvangen heeft, onder voorbehoud van de beschadigingen die het gevolg zijn van ouderdom, normaal gebruik en van overmacht. De huurder is aansprakelijk voor de andere beschadigingen van het goed die gedurende de huurtijd ontstaan, daaronder begrepen de beschadigingen ten gevolge van brand, tenzij hij bewijst dat die buiten zijn fout zijn ontstaan."

De kernregel blijft dezelfde: de huurder is aansprakelijk tenzij hij bewijst dat de brand buiten zijn schuld is ontstaan. De verschuiving zit in de bredere context van Boek 7 BW: de uitgebreide conformiteitsplicht van de verhuurder onder artikel 7.3.6 (garantieverbintenis) zal het voor de huurder makkelijker maken om aan te tonen dat een gebrek aan het pand, of het ontbreken van veiligheidsmaatregelen, mede aan de oorsprong van de brand ligt.

Praktische tips bij brand

Onmiddellijk na de brand:

  • Verwittig de brandweer en de politie, en zorg dat er een proces-verbaal wordt opgesteld

  • Verwittig uw verzekeraar en uw verhuurder zo snel mogelijk

  • Maak foto's en video's van de schade vóór er iets wordt opgeruimd

  • Bewaar alle facturen en documenten van uw handelszaak

In de eerste weken:

  • Vraag het brandweerverslag en eventueel een expertiseverslag van uw verzekeraar

  • Verwittig uw boekhouder voor de fiscale gevolgen

  • Spreek niet eenzijdig over aansprakelijkheid met de verhuurder zonder advies

Bij betwisting:

  • Zorg dat u ALLE bewijsstukken bewaart — ook tegenstrijdige stukken

  • Een advocaat kan een strafrechtelijke burgerlijke partij-stelling doen om toegang tot het strafdossier te krijgen

  • Werk samen met een onafhankelijke schade-expert die uw belangen vertegenwoordigt, niet alleen die van de verzekeraar

Reius Advocaten in branddossiers

Branddossiers raken aan huurrecht, verzekeringsrecht, aansprakelijkheidsrecht en soms strafrecht. Reius staat zowel huurders als verhuurders bij:

  • Beoordeling van de aansprakelijkheid op basis van de feiten en de polis

  • Vorderingen tot vrijgave van huurwaarborg of schadevergoeding

  • Verdediging tegen onterechte aanspraken van verzekeraars

  • Begeleiding bij strafrechtelijk onderzoek (burgerlijke partij-stelling)

  • Advies bij heronderhandeling of beëindiging van de huurovereenkomst na brand

Wilt u een volledig overzicht van uw positie als handelshuurder of verhuurder? Lees onze gids over de rechten en plichten bij handelshuur.

Gerelateerde expertise

Handelshuur is een bijzonder domein van het Belgisch huurrecht, geregeld door de wet van 30 april 1951.

Handelshuur

Veelgestelde vragen

Mijn brandverzekering keert niet uit — wat nu?

Verzekeraars weigeren soms uitkering wegens vermeende fout van de verzekerde, niet-naleving van polisvoorwaarden, of risico-verzwaring. Laat de weigering juridisch nakijken. In veel gevallen is de afwijzing onterecht en kan een gerichte ingebrekestelling de uitkering alsnog losmaken.

Wie betaalt de tijdelijke huur of de ongebruikte huur tijdens herstel?

Dit hangt af van de aansprakelijkheidsverdeling. Als de verhuurder aansprakelijk is, kunt u huurvermindering of zelfs ontbinding van de huur eisen voor de periode waarin u het pand niet kan gebruiken. Als u zelf aansprakelijk bent, blijft u in principe huur verschuldigd. Bij gemengde aansprakelijkheid wordt naar verhouding verdeeld.

Kan ik mijn handelszaak voortzetten in een ander pand tijdens herstel?

In principe wel, maar dat heeft juridische gevolgen voor uw lopende huurovereenkomst. Als u definitief verhuist, kan dit als een eenzijdige beëindiging worden gezien. Een tijdelijke verhuizing met behoud van de oorspronkelijke huur vereist een formele afspraak met uw verhuurder.

Wat als mijn personeel gewond raakt bij de brand?

Dat valt onder een ander juridisch regime: de arbeidsongevallenwetgeving en de aansprakelijkheid jegens derden. Uw arbeidsongevallenverzekering en uw burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekering moeten beide aangesproken worden. Een advocaat kan u begeleiden bij de samenloop van procedures.

Mag de verhuurder de huur ontbinden na een brand?

Bij volledig tenietgaan eindigt de huur van rechtswege (artikel 1722 oud BW). Bij gedeeltelijk tenietgaan kan zowel de huurder als de verhuurder ontbinding vragen. De vrederechter beoordeelt of voortzetting nog "nuttig" is voor partijen.

Geldt de aansprakelijkheid ook als de brand bij de buren is ontstaan?

Een brand die bij een buur is ontstaan en op uw pand overslaat, valt onder de regels van burenhinder. Onder het nieuwe artikel 3.101 BW kan de buur (of zijn verzekeraar) aansprakelijk zijn voor bovenmatige burenhinder. Er kan dan sprake zijn van objectieve aansprakelijkheid, ook zonder bewezen fout.

Hoe lang duurt een procedure na brand?

Een eenvoudige zaak kan binnen zes tot twaalf maanden afgehandeld worden via uw verzekeraar. Bij betwisting over aansprakelijkheid kan een procedure twee tot vier jaar duren — vooral als parallel een strafonderzoek loopt. Reius adviseert om in de tussentijd uw rechten op de termijnen te bewaren via formele ingebrekestellingen.

Twijfelt u over uw situatie?

De advocaten van Reius staan voor u klaar voor persoonlijk juridisch advies.

Maak een afspraak →